voor spelen, participatie, zelfstandige mobiliteit
en een gezonde ontwikkeling

Speelforum 7 – november 2019

Home » Speelforum » Speelforum 7: De Spelende Professional

De Spelende Professional

Tijd en ruimte voor onze binnenwereld

Het 7e Speelforum vond plaats op donderdag 28 november 2019 in Eindhoven. Ruimte voor de Jeugd organiseerde dit Speelforum i.s.m. Fontys Hogeschool Pedagogiek en m.m.v. Jantje Beton. Bekijk hier de flyer, en lees hieronder een verslag van de bijeenkomst.

Ernie houdt een banaan tegen zijn oor. Hij voert een geanimeerd telefoongesprek met de olifant. Terzijde tegen Bert: “Wil jij ook even?” Bert voelt zich ongemakkelijk: “Nee joh, dat is een banaan, daar kun je toch niet mee bellen? En die olifant bestaat niet.” Als Ernie blijft aandringen (‘het is echt heel leuk hoor’) verklaart Bert: “Nee, daar ben ik emotioneel veel te onzeker voor”.

Sylvia Wernaart is onderzoekster bij het Lectoraat Opvoeden voor de Toekomst van Fontys Hogeschool Pedagogiek. Ze laat het filmpje zien tijdens het zevende Speelforum over De spelende professional. “Door te spelen creëren we een nieuwe wereld. Een wereld met eindeloos veel mogelijkheden om ons te verwonderen, te experimenteren en een diepere laag van onszelf te ontdekken. Spel geeft ruimte aan onze binnenwereld en helpt ons om een veerkrachtige identiteit te ontwikkelen.”

Experimenteerruimte
Maar Bert laat zien hoezeer we afgesneden raken van die ruimte. Wernaart: “Jongeren groeien op met de boodschap ‘dat je het kunt maken, als je maar je best doet’. We rekenen mensen af op hun prestaties en hun succes.” Kinderen raken ingesponnen in een web van toetsen en controlemiddelen. Via de smartwatch weten hun ouders 24/7 waar ze zijn en wat ze doen. Hun schoolresultaten worden minutieus gevolgd. Dat schuurt. “Kinderen hebben experimenteerruimte nodig”, aldus Wernaart, “maar met alle technologie wordt die ruimte steeds beperkter. Wanneer kunnen kinderen nog oefenen met verantwoordelijkheid nemen? De uitdaging is om kinderen op basis van vertrouwen de kans te geven om te falen.”

Honderd talen
Hoe ga je als professional om met deze opdracht? Hiervoor werkt men binnen het lectoraat aan een ontwikkelingsgericht pedagogisch kompas: talentologie. Wernaart: “Het talentologisch model laat zien wat er bij jongeren frontstage gebeurt (het zichtbare gedrag) en backstage (in de binnenwereld). Het helpt ons om inzicht te krijgen in de binnenwereld van jongeren, hun emoties, hun aspiraties. Het geeft houvast bij het analyseren van hun zoektocht naar wie zij zijn, bij wie ze willen horen, wat hun talenten zijn en wat ze later willen worden. Daarmee biedt het ook handvatten aan ons pedagogisch handelen. Om bijvoorbeeld aan de emotiehuishouding (backstage) van jongeren te werken, is het belangrijk om een relatie (frontstage) met die jongeren op te bouwen. En om toegang te krijgen tot die backstage binnenwereld is spel zo belangrijk. Spelen, ook in de vorm van muziek en kunst, biedt nieuwe kansen om te ontdekken wie we zijn en willen worden. Via spel creëer je een nieuw universum, met eigen regels en een nieuwe taal. Er zijn zó veel manieren om ons uit te drukken. Het is prachtig verwoord door Loris Malaguzzi, de grondlegger van de Reggio Emilia benadering: “The child has a hundred languages”. Honderd manieren om te denken, te luisteren, te dromen, te verwonderen, te ontdekken, te begrijpen. Het is een uitnodiging aan iedereen die met kinderen werkt: durf te spelen en die honderd talen te blijven spreken.

Voorleven
Dave Ensberg-Kleijkers, directeur bestuurder van Jantje Beton laat zien hoeveel volwassenen er rond het spelende kind staan. Zowel professionals (leerkracht, pedagogisch medewerker van de kinderopvang, kinderwerker in de wijk) als vrijwilligers (speeltuin, sportclub, scouting) en ouders, familie en buurtgenoten. “En die hebben allemaal hun eigen ideeën over spel. We hebben geen gemeenschappelijke beelden over de ontwikkeling van kinderen en de rol van spel daarin. Er is daarover ook geen gesprek: wat is goed? Welke normen en waarden hanteer je? Bij professionals zie je dat institutionele belangen – continuïteit, financiering, werkgelegenheid – zwaarder wegen dan de belangen van het kind.
“De kreet ‘Het kind centraal’ is echt onzin”, aldus Ensberg-Kleijkers. “Er wordt veel te weinig geluisterd naar kinderen, spelen heeft geen prioriteit. Willen we spel de plek geven die het verdient, dan moeten we als volwassenen het gesprek daarover aangaan, met elkaar en met de kinderen.” En zelf blijven spelen natuurlijk. “Leef het voor. Zoek en vind het kind in jezelf. Handel vanuit de kernwaarden ‘bewegen, avontuurlijk en samen’”, is zijn advies.

Geur van bosgrond
Durven we als volwassenen nog te spelen? De deelnemers aan het Speelforum wel. Die storten zich vol overgave in de speelse opdrachten van theatermaakster Maitta Tegenbosch en speldocent Wilbert van den Heuvel. De geur van bosgrond brengt de aanwezigen in een ommezien terug naar die verstopplek onder een grote conifeer, met prikkende takken in je nek, kramp in je benen van het stilzitten en de verre stemmen van andere kinderen die naar je op zoek zijn. In een volgende oefening brengen de deelnemers het gevoel van buiten spelen onder woorden in korte zinnen: Ik speelde omdat ik vrij was. Dat ging vanzelf. Hoog in de boom voelt het veilig. Mijn wereld. Het mag, ‘t is goed.
De wereld van het spel is onder handbereik. Ook voor volwassenen. Dat is de wereld die we in onszelf levend moeten houden: durf te blijven spelen. Neem een voorbeeld aan Bert. Want die liet zich door Ernie overhalen en voerde via de banaan een gezellig telefoongesprek met de olifant.

Dit artikel verscheen in het blad BuitenSpelen, 2019-4.
Tekst: Marian Schouten, foto: Louise Berkhout